Uitgangspunten pedagogisch beleid

De wet kinderopvang is per 1 januari 2005 in werking getreden en schrijft voor dat een aantal zaken vastgelegd dienen te zijn in het pedagogisch beleid.

Kindercentrum Ducky Duck is een organisatie die kinderopvang biedt aan kinderen van 0 tot 12 jaar. Om recht te doen aan onze eigen identiteit hebben wij ervoor gekozen gebruik te maken van elementen uit verschillende pedagogische visies.

Kindercentrum Ducky Duck heeft zes uitgangspunten geformuleerd die de basis vormen voor het pedagogisch handelen in het kindercentrum:

  • Elk kind is een uniek individu en dient als zodanig te worden geaccepteerd en gewaardeerd.
  • Ieder kind heeft recht op respect. Dat wil zeggen dat het serieus wordt genomen en dat het kind kan rekenen op begrip en verdraagzaamheid.
  • Ieder kind heeft recht op een volwassene die in de behoeften van het kind voorziet. Tevens kan het kind het gedrag van volwassenen overnemen. De leidster heeft met haar gedrag een voorbeeldfunctie.
  • Om zich te kunnen ontwikkelen is het noodzakelijk dat het kind zich veilig en vertrouwd voelt. Daardoor krijgt het kind zelfvertrouwen wat weer leidt tot het verlangen en zoeken naar nieuwe uitdagingen, naar een grotere zelfstandigheid.
  • Zelfvertrouwen en zelfstandigheid groeien door te oefenen in zelf doen. Door (misschien) te falen, terug te kunnen vallen op iemand die je begrijpt en de kans te krijgen het weer opnieuw te proberen.
  • In het kindercentrum staat het kind centraal. Het moet zich prettig voelen en de opvang moet verantwoord zijn. Het individuele kind mag niet leiden onder de groep, zoals ook de groep niet mag leiden onder het individuele kind. Het groepsgericht werken biedt mogelijkheden voor het ontwikkelen van sociale vaardigheden. 

Sociaal-emotionele veiligheid

Kindercentrum Ducky Duck gaat uit van een huiselijke omgeving, een ‘thuis’ waar kinderen zich kunnen ontspannen en zichzelf kunnen zijn.

Het is aan de leidster een klimaat te scheppen waarin ieder kind zich veilig en geborgen voelt. 

De leidster is betrokken bij de kinderen en is zich bewust van de verschillende behoeftes van de kinderen en probeert hierin zoveel mogelijk het individuele kind tegemoet te komen zonder de groep tekort te doen. Dit doet zij zowel passief als actief. 

  • De leidster communiceert op een betrokken en voor kinderen begrijpelijke wijze met de kinderen.
  • De leidster benadert de kinderen op respectvolle manier.
  • De leidster zorgt voor een open en ontspannen sfeer in de groep.
  • De kinderen worden uitgenodigd tot participatie.
  • Er wordt met vaste leidsters gewerkt, waarmee de kinderen vertrouwd zijn.
  • Het kind maakt onderdeel uit van een groep die bestaat uit voor hem/ haar bekende kinderen.
  • De leidster heeft ’s ochtends bij het brengen halen van het kind een mondelinge overdracht met de ouders. 

De leidster zorgt door haar houding, verbale en non-verbale communicatie en stemgebruik dat de kinderen zich geaccepteerd en veilig voelen. De kinderen kunnen en mogen zichzelf zijn. De leidster speelt in op spel / conflictsituaties tussen kinderen en stimuleert of lost op in samenspraak met de kinderen.

Persoonlijke competenties

Kindercentrum Ducky Duck biedt gelegenheid tot het ontwikkelen van persoonlijke competenties. Hiermee wordt bedoeld dat het kind zich kan ontwikkelen op brede persoonlijkheidskenmerken zoals zelfstandigheid en zelfvertrouwen, flexibiliteit en creativiteit.

Het is aan de leidster de persoonlijke competenties van de kinderen te onderkennen, te waarderen en te stimuleren. Dit doet ze door betrokken te zijn met het kind en het kind ruimte te bieden om zichzelf te zijn.

  • De leidster ondersteunt en stimuleert kinderen individueel.
  • De leidster heeft een band met het kind en zorgt hier voor een goede interactie met het kind.
  • Spelmateriaal, activiteiten en inrichting sluiten aan bij de leeftijd en belevingswereld van het kind.

De leidster stimuleert een kind door grenzen te ontdekken en te verleggen van wat een kind kan, wil of durft. De leidster maakt het kind bewust van de eigen capaciteiten en kwaliteiten van een kind, speelt in op grapjes, humor en "gek doen", gaat in op initiatieven van een kind, beloont, prijst en complimenteert waardoor het kind positieve bevestiging krijgt.

Sociale competenties

Kindercentrum Ducky Duck biedt gelegenheid tot het ontwikkelen van sociale competenties. Hiermee worden alle varianten op het gebied van sociale kennis en vaardigheden bedoeld,

zoals:

  • het zich in een ander kunnen verplaatsen,
  • communicatie,
  • samenwerken,
  • anderen helpen,
  • conflicten voorkomen en oplossen,

De leidster heeft een belangrijke rol in het helpen ontwikkelen van dezesociale competenties. Haar voorbeeldfunctie zal de kinderen helpen hun sociale vaardigheden verder te ontwikkelen.

  • De leidster stimuleert en ondersteunt de kinderen in het groepsproces en interactie.
  • De leidster ondersteunt de kinderen in het voorkomen, aangaan en oplossen van conflicten.
  • De leidster zorgt voor een goede sfeer in de groep waarin ieder kind gerespecteerd wordt en recht heeft op een eigen plek in de groep.

De leidster stimuleert vriendschap, communicatie en samenwerking onder kinderen onderling. Zij gaat bewust om met conflicten tussen kinderen en reikt kinderen de middelen aan conflicten zelf op te lossen. Samen delen en samen ervaren binnen situaties waarmee kinderen gezamenlijke betekenisvolle ervaringen op kunnen doen.

De rol van de leidster in de interactie tussen kinderen is afhankelijk van de situatie: sturend, ondersteunend, corrigerend, verzorgend, gangmakend, bruggenbouwend.

Overdracht van normen en waarden

Kindercentrum Ducky Duck draagt bij aan het eigen maken van normen en waarden die in de samenleving waar de kinderen deel van uitmaken als maatschappelijk gewenst worden beschouwd.

  • In de groep zijn afspraken, regels en omgangsvormen duidelijk en bekent.
  • Afspraken, regels en omgangsvormen worden, waar dit kan, uitgelegd aan de kinderen.
  • De leidster ziet toe op de naleving van regels, afspraken en omgangsvormen en grijpt in als er onwenselijke situaties ontstaan.
  • De leidster refereert aan de regels, afspraken en omgangsregels wanneer het gedrag hiervan afwijkt en legt uit waarom deze regels, afspraken en omgangsregels er zijn op een voor het kind te begrijpen manier. Gewenst gedrag wordt zoveel mogelijk onderstreept door positieve bekrachtiging en kinderen die niet het gewenste gedrag laten zien hierdoor op het gewenste gedrag attent te maken.

Leidster-kind-ratio

Op het kinderdagverblijf van kindercentrum Ducky Duck wordt een leidster – kindratio gehanteerd van 12 kinderen per twee pedagogisch medewerkers. Kindercentrum Ducky Duck werkt met vertikale groepen.

(Spel)activiteiten buiten de stamgroep

  • Als de kinderen bij (spel)activiteiten de stamgroep verlaten of gezamenlijk in de tuin gaan spelen, is de leidster-kind-ratio op kindercentrum niveau maatgevend.
  • Als het weer het toelaat, gaan de kinderen naar de buitenspeelplaats.

Ondersteuning van leidsters door anderen

  • Ouders of vrijwilligers worden in principe niet ingezet bij de ondersteuning van de pedagogisch medewerkers.

Opleidingseisen beroepskrachten

Algemeen geldt dat het diploma MBO-PW kwalificatieniveau 3 bevoegdheid geeft tot uitoefening van de functie van pedagogisch medewerker.

Meer informatie hierover kunt u vinden in de CAO kinderopvang in te zien op www.abvakabofnv.nl of in te zien op ons kantoor.

Voertaal

De voertaal in Kindercentrum Ducky Duck is het Nederlands.

Het volledige pedagogisch beleid is hier in te zien en de rapportages van de GGD kunt u hier terugvinden.

Zie ook onze huisregels

Inschrijfformulier     Contactformulier